In de eerste week van augustus 2026 verschenen negen gedateerde vermeldingen van modellen. In één week.
Bijhouden is geen strategie meer. Dat werkte in 2023 toen er een paar keer per jaar iets uitkwam, en het is nu een manier om je dagen te vullen zonder dat je werk beter wordt.
Wat je wel nodig hebt is een manier om te beoordelen of een lancering jou aangaat. Daar gaat dit stuk over.
Vraag één: is het uitgebracht of aangekondigd?
Dit onderscheid scheelt je de meeste tijd, en het wordt in bijna elk nieuwsbericht weggemoffeld.
Een release heeft een datum, een prijs en een modelkaart. Een aankondiging heeft een blogpost en een demo. Media brengen beide als nieuws, en de helft van wat je leest kun je vandaag helemaal niet gebruiken.
De simpelste test: staat er een prijs bij? Zo nee, dan is het nog geen product.
En de derde categorie
Nog vervelender: modellen die alleen als vermelding op een marktplaats opduiken, of een bestaande naam die verwijst naar een ander model. Dat wordt gerapporteerd als lancering terwijl er niets nieuws is gebouwd.
Van de negen vermeldingen in die eerste augustusweek waren er drie helemaal geen release. Eén aankondiging, één vermelding op een marktplaats, en één naamswijziging van iets wat al bestond.
Een derde ruis dus. Dat is de verhouding waar je rekening mee moet houden.
Vraag twee: is het beter op iets wat jij doet?
Benchmarks zeggen minder dan mensen denken. Een model dat 2 procent hoger scoort op een wiskundetoets, schrijft daarom nog geen betere Nederlandse teksten.
Sterker: modellen worden geoptimaliseerd voor de tests waarop ze worden beoordeeld. Dat is geen fraude maar wel de reden dat een ranglijst weinig voorspelt over jouw dagelijkse werk.
De enige test die telt: neem drie taken die je vaak doet, gooi ze in beide modellen, en vergelijk. Niet één keer maar vijf keer, want één toevalstreffer zegt niets.
Dat kost je een uur. Dat is een uur beter besteed dan tien artikelen lezen over wie er bovenaan staat.
Vraag drie: wat kost het en wat kost overstappen?
De prijzen lopen fors uiteen, zeker als je via een programmeerkoppeling werkt. Een goedkoper model dat 90 procent van de kwaliteit levert, kan bij duizenden verzoeken per dag het verschil zijn tussen rendabel en niet.
Maar reken ook de overstapkosten mee. Je prompts moeten opnieuw worden afgesteld, je resultaten opnieuw gecontroleerd, en je werkwijze aangepast.
Voor een simpele chattaak is dat niets. Voor een systeem dat je hebt ingericht rond één model kan het weken werk zijn.
Vraag vier: waar staat je data?
Dit is de vraag die het vaakst wordt overgeslagen en die het meest kan kosten.
Een open model uit China dat spotgoedkoop is via de programmeerkoppeling, is technisch interessant en juridisch een ander verhaal zodra er klantgegevens doorheen gaan. Datzelfde geldt trouwens voor Amerikaanse aanbieders, alleen zijn we daar meer aan gewend.
Stel jezelf één vraag voordat je iets aansluit: als een klant morgen vraagt waar zijn gegevens naartoe gaan, kan ik dat dan beantwoorden?
Kun je dat niet, dan is de rest van de afweging irrelevant.
Wanneer je wel moet overstappen
Drie situaties, en dat zijn er minder dan de hype suggereert.
De prijs halveert bij gelijke kwaliteit. Dat gebeurt geregeld en is directe winst.
Er komt iets bij dat je echt nodig hebt. Een groter contextvenster als je met dikke documenten werkt, bijvoorbeeld.
Je huidige leverancier wordt onbetrouwbaar. Prijsverhogingen, stopgezette producten, of functies die achter duurdere abonnementen verdwijnen.
Buiten die drie: blijf zitten. Overstappen kost tijd en het rendement is meestal kleiner dan het gevoel dat je iets mist.
De valkuil van het nieuwste willen
Ik ken mijn eigen zwakte: ik lees over iets nieuws, word enthousiast en wil meteen omschakelen.
Dat heeft me een keer twee weken gekost. Ik stapte over op een model dat op papier beter scoorde, moest al mijn prompts opnieuw afstellen, kreeg wisselvallige resultaten, en ging uiteindelijk terug naar wat ik had.
Netto opbrengst: nul. Netto kosten: twee weken waarin ik niets aan mijn eigenlijke project heb gedaan, wat voor iemand die tien uur per week beschikbaar heeft neerkomt op een halve maand productie die gewoon verdampt is.
Sindsdien heb ik een regel: ik wissel alleen als ik van tevoren kan opschrijven wat het concreet oplevert. Kan ik dat niet, dan is het nieuwsgierigheid en geen strategie.
Dat klinkt streng. Het is de enige manier waarop ik iets afkrijg.
Wat ik zelf doe
Ik houd één bestand bij met welke taak ik met welk model doe, en wat het kost. Elk kwartaal kijk ik dat na.
Dat klinkt saai en het is precies waarom het werkt. Zonder zo'n overzicht baseer je je keuzes op het laatste artikel dat je hebt gelezen, en dat is een slechte manier om een bedrijf te runnen.
Vorige ronde bleek ik voor een taak die ik dagelijks uitvoerde het duurste model te gebruiken zonder dat daar een reden voor was. Dat had ik zonder dat lijstje nooit gezien.
Welk model gebruik jij eigenlijk voor je belangrijkste taak, en waarom precies dat?